#5 Dagboek: Opzoek naar controle

Gepubliceerd op 14 juli 2020 om 09:30

17 januari 2011, maandag

Na een verschrikkelijke afsluiting van 2010 dacht ik begin januari eindelijk een klein beetje het licht te hebben gezien. Via internet kwam ik op een hele inspirerende site terecht waar ik kan chatten met andere meiden met een eetstoornis. Ze hebben ook een blog. De site wordt in de gaten gehouden door vrijwilligers die zelf een eetstoornis hebben gehad en het voelt goed om er rond te kijken.

Ook vond ik er een eetlijst om aan te komen, en na een tijdje twijfelen heb ik die aan mama laten zien. Even dacht ik echt dat ik het ging doen. Aankomen, mijn leven oppakken en vechten. Maar in mijn hoofd zegt een stemmetje dat ik, als ik meer ga eten, dik, vet en lelijk word. Het lukt me ook nog steeds niet om alles te eten en ik blijf kleine dingetjes skippen met de gedachte dat het toch niets uitmaakt. Tot vandaag ben ik nog niks aangekomen, eigenlijk blijf ik alleen maar afvallen. Volgens de weegschaal blijft er weinig van me over en ook de mensen om me heen, zeggen dit tegen mij.

 

Ik word verdrietig van wat andere mensen tegen me zeggen. En het voelt alsof ik zelf geen controle meer heb. Natuurlijk zie ik dat ik slanker ben geworden, maar zo mager als iedereen zegt, lijkt me een beetje overdreven. Dan had ik dat toch zelf ook wel gezien in de spiegel?


Een jaar geleden kreeg ik, vooral op school, steeds te horen dat ik te dik was en/of er niet uitzag. En dat was ook precies de reden waarom ik begon met afvallen. Nu zeggen ze dat ik te mager ben, en blijkbaar zie ik er nog steeds niet uit. Het zal wel aan mij liggen, maar volgens mij is het nooit goed en mensen willen zich altijd en overal mee bemoeien.

Nu ik terugdenk is dit altijd zo geweest en dat maakt mij heel onzeker.


Ik wil schreeuwen,  gillen, wegrennen, opgeven… Wat is de wereld oneerlijk en wat voel ik me machteloos en niet gehoord. Alsof ik buiten deze wereld leef, alsof niemand mij kan zien, niemand mij kan horen en niemand mij mist. Als ik ’s ochtends wakker word, vraag ik me steeds weer af waarom het leven zo loopt, waarom niemand mij snapt en waar ik dit allemaal aan heb verdiend. Waarom leef ik eigenlijk nog? Ik heb zoveel vragen en krijg bijna geen antwoorden.

 

Een paar weken geleden voelde ik me heel goed en ik had zoveel motivatie. Nu is alles weer weg!

Afgelopen weekend heeft mama de weegschaal weggehaald en ik mag alleen nog maar wegen waar mama bij is. Dit deed ze natuurlijk precies op de dag dat ik mijn eetlijst iets moest ophogen en nu word ik gek! Ik kan niet meer in de gaten houden of ik niet teveel aankom in één keer en nu ik dit zo opschrijf weet ik eigenlijk best wel dat het onzin is, want tot nu toe viel ik alleen maar af. Van die ene boterham meer per dag ga ik echt niet opeens dik worden, maar toch kunnen mijn gedachten het niet aan: “je wordt dik, vet en lelijk.”


Gelukkig heb ik mama ervan kunnen overtuigen om het nog even zelf te proberen. En dus stellen we het naar de dokter gaan nog even uit. Ergens snap ik niet waarom ze me iedere keer weer mijn zin geeft, want ze ziet toch ook wel dat ik iedereen voor de gek hou. Maar ik (het stemmetje in mijn hoofd) ben er ‘blij’ mee. Ook al haat ik mezelf en voelt het alsof het niet eten en afvallen een verslaving is geworden.

Iets in mij wil dat ik mezelf langzaam laat uithongeren en dat ik  dan langzaam dood ga . Maar ik besef me dan ook gelijk dat ik hier niemand een plezier mee doe. Vooral mama en papa zal ik onwijs veel verdriet doen. Ik denk dat ik het toch maar moet proberen, alleen voor hen.

Het voelt een beetje alsof ik niets meer voel, alles wat gezegd wordt, of wat van mij gevraagd wordt, doet mij vrij weinig. De hele dag door ben ik alleen nog maar bezig met zo min mogelijk eten, bewegen en afvallen. Het zijn de enige dingen waar ik me nu op kan focussen. Alle andere dingen kosten me teveel energie en probeer ik weg te cijferen uit mijn leven.

Kon ik de tijd maar terugdraaien, naar toen ik vijf was. Toen opa nog leefde, ik hele dagen kon spelen en ik kon genieten van lekker eten. Toen ik een vrolijk meisje was met vriendinnetjes en met hen kon lachen. Kon ik maar terug naar die veilige tijd waar ik me nergens zorgen om hoefde te maken.


Als klein meisje vond ik het oneerlijk dat mijn grote zus en broer meer mochten dan ik.  Nu ben ik erachter dat er genoeg lastige zaken bijkomen wanneer je ouder wordt. Had ik dit als klein meisje geweten, dan had ik minder vaak verdrietig geweest om het feit dat ik klein was. 

 

“Kon ik de tijd maar terugdraaien,
dan kon ik zeggen: nee, ik heb geen trek.
Kon ik de tijd maar terugdraaien,
dan werd ik nu niet zo gek!”


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.